Mijn man heeft kanker (2)
vrijdag 15 augustus 2008 om 20:09
Mimsmeis. Het is zo ontzettend de tijd van nueenjaargeleden. Nu een jaar geleden. Het is nog maar een jaar, het is al een jaar. Nu precies een jaar geleden zat ik met mijn meisje in een taxi naar een ziekenhuis terwijl ze op mijn schoot hing en steeds weer wegviel en ik zo gruwelijk bang was om haar te verliezen. Het kwam allemaal goed, en ik wist niet dat terwijl ik daar zat, jij jouw Held naar het ziekenhuis moest brengen, voor wat echt zijn laatste strijd zou gaan zijn. Toen ik een paar dagen later thuiskwam met een uitgeputte zieke Dot, hoorde ik van Toet dat je afscheid moest nemen nam van je lief, en nog geen 36 uur daarna kwam via Bloes het bericht dat hij uitgestreden was. Ik zat in de auto en ik wist wat het was toen ik mijn mobiel hoorde piepen, heb eerst een veilige stopplek gezocht omdat ik wist dat ik voorlopig door de tranen heen niks meer kon zien. En dat zijn nog maar mijn herinneringen, zo helder en vlijmscherp, hoe moet het in godsnaam jou vergaan. Konden we het maar anders maken voor je.
zaterdag 16 augustus 2008 om 12:36
Ja, eergisteren een jaar geleden bracht ik hem naar het ziekenhuis. Voor eventjes, dachten we. Op de SEH werden foto's en scans gemaakt, en alles zag er goed uit. Nu moesten alleen zijn darmen weer even goed op gang komen en dan mocht hij weer naar huis.
Zo, daar hebben we wrange grapjes over gemaakt. Poep en kom thuis.
Maar hij kwam niet meer thuis. Nooit meer.
Vandaag een jaar geleden had ik nog geen idee dat we ons noodlot tegemoet stormden. Was ik nog teveel bezig met laminaat en verf. Met ons nieuwe, aanstaande thuis. Ik had geen idee van de ramp die ons te wachten stond. Wel werd ik steeds een beetje banger, banger dat het misschien toch sneller afgelopen zou zijn dan gehoopt. Maar niets, niets bereidde me erop voor dat het einde al binnen een week zou zijn.
Wat was ik naief.
Wat was ik gelukkig, omdat ik iedere dag nog even in de sterke armen van Hero kon verdwijnen. Wat wist ik nog weinig van échte pijn en gemis.
Ik wist het nog niet.
Nu weet ik het al bijna een jaar wel.
En dat went nogsteeds niet.
Mops en ik hebben een Hele Fijne vakantie gehad. We hebben genoten, en volop geleefd.
Wij leven nog. Wij genieten nog. Wij koesteren nog. En wij rouwen nog.
Over twee weken ben ik ouder dan Hero ooit geworden is. Leef ik langer dan hij. En zal ik nog meer mijn best doen iedere dag dubbel te leven.
Want al wist ik vorig jaar nog zoveel niet, één ding wist ik wel. Het leven moet je leven! En dat heb ik geleerd van een heel wijs man.
Zo, daar hebben we wrange grapjes over gemaakt. Poep en kom thuis.
Maar hij kwam niet meer thuis. Nooit meer.
Vandaag een jaar geleden had ik nog geen idee dat we ons noodlot tegemoet stormden. Was ik nog teveel bezig met laminaat en verf. Met ons nieuwe, aanstaande thuis. Ik had geen idee van de ramp die ons te wachten stond. Wel werd ik steeds een beetje banger, banger dat het misschien toch sneller afgelopen zou zijn dan gehoopt. Maar niets, niets bereidde me erop voor dat het einde al binnen een week zou zijn.
Wat was ik naief.
Wat was ik gelukkig, omdat ik iedere dag nog even in de sterke armen van Hero kon verdwijnen. Wat wist ik nog weinig van échte pijn en gemis.
Ik wist het nog niet.
Nu weet ik het al bijna een jaar wel.
En dat went nogsteeds niet.
Mops en ik hebben een Hele Fijne vakantie gehad. We hebben genoten, en volop geleefd.
Wij leven nog. Wij genieten nog. Wij koesteren nog. En wij rouwen nog.
Over twee weken ben ik ouder dan Hero ooit geworden is. Leef ik langer dan hij. En zal ik nog meer mijn best doen iedere dag dubbel te leven.
Want al wist ik vorig jaar nog zoveel niet, één ding wist ik wel. Het leven moet je leven! En dat heb ik geleerd van een heel wijs man.
Wat wilde ik nou toch typen?
maandag 18 augustus 2008 om 23:35
Vanmiddag kreeg ik van mijn schoonvader een DVD'tje. Ik had hem daar zelf om gevraagd, en zat er al met smart op te wachten, maar toch... toch viel het even rauw op mijn dak. Het was namelijk een DVD'tje met daarop onder andere een paar foto's die gemaakt zijn rondom het overlijden van Hero.
En ik wilde ze zo graag zien, en even graag wilde ik ze niet zien.
Maar het feit dat een foto nooit erger kan zijn dan de werkelijkheid overtuigde me en dus kroop ik vanavond in mijn eentje achter de computer. Met de lichten uit zat ik daar in alle eenzaamheid achter een fel verlicht beeldscherm, en keek naar Het Bewijs. Het Bewijs dat het écht Waar is.
Opeens zag, rook en beleefde ik het weer; de ziekenhuiskamer. Het piepen van het infuus. De handen van Hero. De lange nacht. De stilte op de gangen. De bewegingen die Hero maakte, al dan niet willekeurig. Zijn worsteling met het leven, zijn worsteling met de dood. Zijn wanhoop, zijn vertrouwen. Mijn angst, mijn liefde. Door de foto's knallen de herinneringen uit hun gesloten laatjes in mijn hoofd, en weet ik weer hoe het was. En hoe gek ook; dat vind ik fijn. Zo bang was ik dat ik dingen vergeten zou zijn, dat deze stortvloed aan herinneringen haast heilzaam werkt.
Zelfs de foto's van vlak, echt vlak na zijn overlijden, stellen me gerust. Lieve schat, ik ben het niet vergeten; ik ben jouw strijd niet vergeten, en ik vind je nogsteeds een winnaar. Nogsteeds zie ik de kracht achter zijn niet-kijkende ogen.
Maar dan, dan zie ik een foto van mijzelf. Het is alsof ik een klap in mijn gezicht krijg.
Ik sta gebogen over de kist, en kijk stralend en verliefd naar mijn Held. En ook dat voel ik weer; hoe trots ik was, en hoe dapper ik hem vond. Hoe mooi ook, in al zijn leegte. Hoe ontzettend veel ik van hem hield, ook in deze fase van zijn bestaan.
Glunderend kijk ik op deze foto naar het lichaam van Hero, en met iedere vezel van mijn lichaam straal ik trots uit. Trots en liefde. Dit was mijn man.
Maar nu weet ik iets wat ik toen absoluut nog niet kon plaatsen; dat mijn man nooit meer terug zou komen. Dat de dagen waarin ik mij in zijn armen gekoesterd zou voelen voorbij waren. Ik besefte het niet. Het was te groot.
En dus voel ik nu weer die liefde en trots, plus datgene waar ik mij toen nog niet bewust van was; de shock.
Het is vervreemdend om naar jezelf te kijken en je opeens te beseffen hoezeer je even het pad kwijt bent geweest. Zover, dat het verdriet pas met vertraging naar je toe komt. Het échte verdriet. Dat duurde even.
Maar het is gekomen, en terwijl ik me dat even vlijmscherp besef, kijk ik nogmaals naar de foto. De foto waar de liefde vanaf spat. Nu zie ik wat ik toen niet zag, dat Hero echt dood is. Ik kon dat toen niet zien, daarvoor was hij nog te levend voor me. En opeens vind ik de foto mooi. Mijn levende, overleden man. Overleden in zijn kist, maar voor mij nog levend. Net als nu. Dood, maar nog levend in zeer kostbaar plekje in mijn hart. Verdrietig, maar nog net zo trots en verliefd als toen.
En ik wilde ze zo graag zien, en even graag wilde ik ze niet zien.
Maar het feit dat een foto nooit erger kan zijn dan de werkelijkheid overtuigde me en dus kroop ik vanavond in mijn eentje achter de computer. Met de lichten uit zat ik daar in alle eenzaamheid achter een fel verlicht beeldscherm, en keek naar Het Bewijs. Het Bewijs dat het écht Waar is.
Opeens zag, rook en beleefde ik het weer; de ziekenhuiskamer. Het piepen van het infuus. De handen van Hero. De lange nacht. De stilte op de gangen. De bewegingen die Hero maakte, al dan niet willekeurig. Zijn worsteling met het leven, zijn worsteling met de dood. Zijn wanhoop, zijn vertrouwen. Mijn angst, mijn liefde. Door de foto's knallen de herinneringen uit hun gesloten laatjes in mijn hoofd, en weet ik weer hoe het was. En hoe gek ook; dat vind ik fijn. Zo bang was ik dat ik dingen vergeten zou zijn, dat deze stortvloed aan herinneringen haast heilzaam werkt.
Zelfs de foto's van vlak, echt vlak na zijn overlijden, stellen me gerust. Lieve schat, ik ben het niet vergeten; ik ben jouw strijd niet vergeten, en ik vind je nogsteeds een winnaar. Nogsteeds zie ik de kracht achter zijn niet-kijkende ogen.
Maar dan, dan zie ik een foto van mijzelf. Het is alsof ik een klap in mijn gezicht krijg.
Ik sta gebogen over de kist, en kijk stralend en verliefd naar mijn Held. En ook dat voel ik weer; hoe trots ik was, en hoe dapper ik hem vond. Hoe mooi ook, in al zijn leegte. Hoe ontzettend veel ik van hem hield, ook in deze fase van zijn bestaan.
Glunderend kijk ik op deze foto naar het lichaam van Hero, en met iedere vezel van mijn lichaam straal ik trots uit. Trots en liefde. Dit was mijn man.
Maar nu weet ik iets wat ik toen absoluut nog niet kon plaatsen; dat mijn man nooit meer terug zou komen. Dat de dagen waarin ik mij in zijn armen gekoesterd zou voelen voorbij waren. Ik besefte het niet. Het was te groot.
En dus voel ik nu weer die liefde en trots, plus datgene waar ik mij toen nog niet bewust van was; de shock.
Het is vervreemdend om naar jezelf te kijken en je opeens te beseffen hoezeer je even het pad kwijt bent geweest. Zover, dat het verdriet pas met vertraging naar je toe komt. Het échte verdriet. Dat duurde even.
Maar het is gekomen, en terwijl ik me dat even vlijmscherp besef, kijk ik nogmaals naar de foto. De foto waar de liefde vanaf spat. Nu zie ik wat ik toen niet zag, dat Hero echt dood is. Ik kon dat toen niet zien, daarvoor was hij nog te levend voor me. En opeens vind ik de foto mooi. Mijn levende, overleden man. Overleden in zijn kist, maar voor mij nog levend. Net als nu. Dood, maar nog levend in zeer kostbaar plekje in mijn hart. Verdrietig, maar nog net zo trots en verliefd als toen.
Wat wilde ik nou toch typen?
maandag 18 augustus 2008 om 23:42
Ik vind het zo ongeloofelijk moeilijk om in woorden te zeggen hoe rot ik dit vind voor je (ik kan alleen maar scheldwoorden bedenken eigenlijk) en ik vind het ook zo raar om te bedenken dat het juist zo moeilijk voor jou is omdat er zoveel liefde is. En dan tegelijkertijd ben ik blij voor Hero, blij dat hij jou heeft, toen en nu. Want van wat ik van je gelezen heb verdiende hij niks minder.
dinsdag 19 augustus 2008 om 09:08
dinsdag 19 augustus 2008 om 12:39
Het klopt Mims, de liefde en het verdriet zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden; als het eerste er niet was, of niet in die mate; was het tweede er ook nooit zo geweest. De wrede en tegelijk de hoopgevende 'logica' van de rouw. O lieverd, ik zie je nog staan op Hero's crematie, naast zijn kist, je verhaal over de liefde en de keuze en de bevestiging daarvan. Gelukkig heb je je herinneringen, maar wat zullen ze ook schuren, op je ziel, tot bloedens toe. We houden van jou!