K*T klanten reactie op blog
zaterdag 28 mei 2011 om 21:53
Een anonieme nick, sommige van jullie zullen wel weten wie ik ben, graag voor je houden. Vers van de pers, vandaag meegemaakt.
Het is vijf voor vijf. Ik wilde net de kassa afslaan toen ik een gezin aan zag komen lopen.
Het gezelschap bestaat uit een vader, een moeder, oma, opa, een dochter van ongeveer 4 jaar en een dochter van ongeveer 6 jaar. De kinderen hebben een frikandel in hun handen en oma een softijsje.
De moeder pakt wat verschillende schoenen uit het rek en laat ze aan de anderen zien. Alle schoenen worden beoordeeld met termen als ‘lelijk’, 'stom' en ‘gatver’.
Toch ziet moeder ineens een schoen die ze de kinderen wil laten passen.
De oudste dochter loopt naar mama toe en pakt de schoen vast. Mijn hersenen werken net iets te traag want ik zie haar vettige vingers over het witte suède van de neus gaan. ‘Shit’ denk ik, daar kan ik de hele maandag op gaan boenen of erger nog ik moet ze met korting van de hand doen.
Ik vraag de kinderen of ze hun handen even met een snoetendoekje willen afdoen, aangezien er anders olie op de schoenen komt. De vader kijkt me verontwaardigd aan en vanuit mijn ooghoek zie ik oma’s softijsje boven een bak met schoenpoets druppelen.
‘Ziet dat mens dat nu zelf niet?’ Ik laat het maar voor wat het is, ik zal straks de bak wel afdoen met een doekje.
Met hernieuwde moed, vraag ik of ik de kinderen nog even zal opmeten. ‘Ja, dat mag je doen.’ Met een elitaire houding geeft vader me toestemming om al knielend de voeten van zijn dochters op te meten. Hij blijft er zelf met handen in zijn zij naaast staan om te kijken of ik het wel goed doe.
De klok geeft inmiddels tien over vijf aan en ik zie mijn overburen al richting huis vertrekken. Met veel pijn en moeite krijg ik de kinderen zo ver dat ze de schoenen passen. Het jongste kind zet zodra ik in de buurt kom het op een krijsen en de oudste heeft zojuist een knoop van mijn bloes getrokken omdat ze zogenaamd omviel.
Het spelletje van kinderen tegen hun ouders gaat ongeveer een kwartier als volgt. ‘Amber, ik wil dat je NU hier komt’, maar Amber heeft de deur van de winkel al open getrokken en is met twee verschillende schoenen de straat op gerend. Ook Iris vindt het een leuk spelletje dus volgt ze haar grote zus naar buiten. Dit gebeurt zo’n drie keer tot ik het welletjes vind en de ouders vertel dat als ze nog één keer naar buiten rennen ik de schoenen niet meer kan verkopen en zij ze allemaal mogen afnemen.
De kinderen hebben inmiddels de lego ontdekt en bekogelen papa en opa hiermee. Na twintig keer kwaad 'Nee, Amber' vindt papa het welletjes en geeft haar een fikse ruk aan d'r arm. Het interessert haar werkelijk niks, na twee minuten oorverdovend janken, verplaatst het blokken gooien zich nu naar mama. Wanneer ook ik een blok naar mijn hoofd krijg ben ik er klaar mee. Mijn ijskoude blik en strenge toespreken heeft effect de kinderen zijn er (voor even) klaar mee.
Ik hoor de klokken van de kerk gaan wat betekent dat het inmiddels half zes is geweest. Na fluisterend overleg is er een beslissing gemaakt. De schoenen van Amber worden gekocht en over de schoenen van Iris gaan ze nadenken.
Een maal aan de kassa komt opa afrekenen. Het bedrag voor de schoenen is tachtig euro. Dat weten ze al, want toen ik achter was heb ik ze hier over horen praten. Opa houdt zich van de domme en vraag om de korting die op het raam geschreven staat. Ik leg op vriendelijke toon uit, dat deze korting niet op dit paar schoenen geldt omdat ze uit een ander rek komen.
‘Voor vijftig euro neem ik ze mee.’ Mijn vriendelijke blik verandert op dit moment. Ik ben deze mensen zo ontzettend beu. Mijn hele winkel is een slagveld, ik moet straks mijn vriendinnen bellen om te zeggen dat ik later zal zijn bij het etentje, ik heb softijs op mijn schoenpoets zitten en vetvlekken op mijn schoenen.
‘Meneer, als u deze schoenen voor vijftig euro meeneemt, zal ik de politie inlichten over diefstal. Daar hangt een camera waarvan ik de banden over zal dragen en waarop u goed te zien bent. De schoenen kosten tachtig euro en als u ze voor minder wilt hebben heeft u het goed recht het elders te proberen.’
Opa glimlacht ongemakkelijk en draait zich om naar de rest van het ensemble. ‘Nou dan doen we het niet’ zegt hij en prompt staat de hele familie op en loopt de deur uit.
Mijn bloed kookt, ik vervloek deze mensen en hoop dat ze nooit meer in de winkel zullen komen. Ik haal de plantenbakken binnen en draai de deur op slot. Wanneer ik met de stofzuiger even later de winkel weer binnenloop zie ik opa voor de deur staan. Hij rammelt aan de deur maar aangezien deze op slot zit krijgt hij hem niet open.
Ik loop naar de deur toe en opa ziet me staan. Ik haal de deur van het slot. ‘Ik kom de schoenen toch halen, voor allebei.’ Ik zie op twintig meter afstand de anderen staan. Zowel Amber als Iris huilen hysterisch. Vader heeft een hoofd als een tomaat en probeert beide kinderen in een soort houdgreep tot rust te manen wat het natuurlijk alleen maar erger maakt. Moeder kijkt kwaad mijn kant op en oma staat tegen haar (schoon) zoon te schelden.
Ik sta in dubio.
Wat zou jij doen?
Zal ik opa binnenlaten en de schoenen laten afrekenen of zal ik hem erop wijzen dat de winkel al bijna een uur gesloten is en ik geen behoefte heb om hun nog verder te helpen.
Het is vijf voor vijf. Ik wilde net de kassa afslaan toen ik een gezin aan zag komen lopen.
Het gezelschap bestaat uit een vader, een moeder, oma, opa, een dochter van ongeveer 4 jaar en een dochter van ongeveer 6 jaar. De kinderen hebben een frikandel in hun handen en oma een softijsje.
De moeder pakt wat verschillende schoenen uit het rek en laat ze aan de anderen zien. Alle schoenen worden beoordeeld met termen als ‘lelijk’, 'stom' en ‘gatver’.
Toch ziet moeder ineens een schoen die ze de kinderen wil laten passen.
De oudste dochter loopt naar mama toe en pakt de schoen vast. Mijn hersenen werken net iets te traag want ik zie haar vettige vingers over het witte suède van de neus gaan. ‘Shit’ denk ik, daar kan ik de hele maandag op gaan boenen of erger nog ik moet ze met korting van de hand doen.
Ik vraag de kinderen of ze hun handen even met een snoetendoekje willen afdoen, aangezien er anders olie op de schoenen komt. De vader kijkt me verontwaardigd aan en vanuit mijn ooghoek zie ik oma’s softijsje boven een bak met schoenpoets druppelen.
‘Ziet dat mens dat nu zelf niet?’ Ik laat het maar voor wat het is, ik zal straks de bak wel afdoen met een doekje.
Met hernieuwde moed, vraag ik of ik de kinderen nog even zal opmeten. ‘Ja, dat mag je doen.’ Met een elitaire houding geeft vader me toestemming om al knielend de voeten van zijn dochters op te meten. Hij blijft er zelf met handen in zijn zij naaast staan om te kijken of ik het wel goed doe.
De klok geeft inmiddels tien over vijf aan en ik zie mijn overburen al richting huis vertrekken. Met veel pijn en moeite krijg ik de kinderen zo ver dat ze de schoenen passen. Het jongste kind zet zodra ik in de buurt kom het op een krijsen en de oudste heeft zojuist een knoop van mijn bloes getrokken omdat ze zogenaamd omviel.
Het spelletje van kinderen tegen hun ouders gaat ongeveer een kwartier als volgt. ‘Amber, ik wil dat je NU hier komt’, maar Amber heeft de deur van de winkel al open getrokken en is met twee verschillende schoenen de straat op gerend. Ook Iris vindt het een leuk spelletje dus volgt ze haar grote zus naar buiten. Dit gebeurt zo’n drie keer tot ik het welletjes vind en de ouders vertel dat als ze nog één keer naar buiten rennen ik de schoenen niet meer kan verkopen en zij ze allemaal mogen afnemen.
De kinderen hebben inmiddels de lego ontdekt en bekogelen papa en opa hiermee. Na twintig keer kwaad 'Nee, Amber' vindt papa het welletjes en geeft haar een fikse ruk aan d'r arm. Het interessert haar werkelijk niks, na twee minuten oorverdovend janken, verplaatst het blokken gooien zich nu naar mama. Wanneer ook ik een blok naar mijn hoofd krijg ben ik er klaar mee. Mijn ijskoude blik en strenge toespreken heeft effect de kinderen zijn er (voor even) klaar mee.
Ik hoor de klokken van de kerk gaan wat betekent dat het inmiddels half zes is geweest. Na fluisterend overleg is er een beslissing gemaakt. De schoenen van Amber worden gekocht en over de schoenen van Iris gaan ze nadenken.
Een maal aan de kassa komt opa afrekenen. Het bedrag voor de schoenen is tachtig euro. Dat weten ze al, want toen ik achter was heb ik ze hier over horen praten. Opa houdt zich van de domme en vraag om de korting die op het raam geschreven staat. Ik leg op vriendelijke toon uit, dat deze korting niet op dit paar schoenen geldt omdat ze uit een ander rek komen.
‘Voor vijftig euro neem ik ze mee.’ Mijn vriendelijke blik verandert op dit moment. Ik ben deze mensen zo ontzettend beu. Mijn hele winkel is een slagveld, ik moet straks mijn vriendinnen bellen om te zeggen dat ik later zal zijn bij het etentje, ik heb softijs op mijn schoenpoets zitten en vetvlekken op mijn schoenen.
‘Meneer, als u deze schoenen voor vijftig euro meeneemt, zal ik de politie inlichten over diefstal. Daar hangt een camera waarvan ik de banden over zal dragen en waarop u goed te zien bent. De schoenen kosten tachtig euro en als u ze voor minder wilt hebben heeft u het goed recht het elders te proberen.’
Opa glimlacht ongemakkelijk en draait zich om naar de rest van het ensemble. ‘Nou dan doen we het niet’ zegt hij en prompt staat de hele familie op en loopt de deur uit.
Mijn bloed kookt, ik vervloek deze mensen en hoop dat ze nooit meer in de winkel zullen komen. Ik haal de plantenbakken binnen en draai de deur op slot. Wanneer ik met de stofzuiger even later de winkel weer binnenloop zie ik opa voor de deur staan. Hij rammelt aan de deur maar aangezien deze op slot zit krijgt hij hem niet open.
Ik loop naar de deur toe en opa ziet me staan. Ik haal de deur van het slot. ‘Ik kom de schoenen toch halen, voor allebei.’ Ik zie op twintig meter afstand de anderen staan. Zowel Amber als Iris huilen hysterisch. Vader heeft een hoofd als een tomaat en probeert beide kinderen in een soort houdgreep tot rust te manen wat het natuurlijk alleen maar erger maakt. Moeder kijkt kwaad mijn kant op en oma staat tegen haar (schoon) zoon te schelden.
Ik sta in dubio.
Wat zou jij doen?
Zal ik opa binnenlaten en de schoenen laten afrekenen of zal ik hem erop wijzen dat de winkel al bijna een uur gesloten is en ik geen behoefte heb om hun nog verder te helpen.
zaterdag 28 mei 2011 om 22:01
zaterdag 28 mei 2011 om 22:04
@MV
Stel dat ik deze klanten niet opnieuw binnen zou laten, dan opent moeder misschien wel een topic wat voor een verschrikkelijke winkel ik heb. Iedereen bijval, want belachelijk dat je niet wordt binnengelaten om alléén maar even af te rekenen.
Bovenstaande geschreven is een waargebeurd voorval, wat niet op zichzelf staat. Regelmatig verbaas ik me over de brutaliteit van klanten, over de houding en over het ronduit onbeschofte gedrag. Nou is dit een vrij extreem geval, maar ik wilde jullie een eye opener geven.
Er wordt hier de laatste tijd erg veel geklaagd over winkelpersoneel en ik ben het daar deels mee eens. Maar kijk eens wat wij op een gemiddelde dag allemaal op ons bordje klrijgen.
Stel dat ik deze klanten niet opnieuw binnen zou laten, dan opent moeder misschien wel een topic wat voor een verschrikkelijke winkel ik heb. Iedereen bijval, want belachelijk dat je niet wordt binnengelaten om alléén maar even af te rekenen.
Bovenstaande geschreven is een waargebeurd voorval, wat niet op zichzelf staat. Regelmatig verbaas ik me over de brutaliteit van klanten, over de houding en over het ronduit onbeschofte gedrag. Nou is dit een vrij extreem geval, maar ik wilde jullie een eye opener geven.
Er wordt hier de laatste tijd erg veel geklaagd over winkelpersoneel en ik ben het daar deels mee eens. Maar kijk eens wat wij op een gemiddelde dag allemaal op ons bordje klrijgen.