Cursus Latijn
vrijdag 1 februari 2019 om 23:21
Hallo allemaal,
Mijn zoon van 16 heeft (sinds dit schooljaar) erg veel moeite met het vak Latijn.
Ik denk er nu aan om zelf een (spoed)cursus te gaan volgen, zodat ik hem hopelijk daardoor beter kan helpen. Hij krijgt overigens ook al bijles van een oud-docent van zijn school.
Het aanbod Latijn is redelijk mager. Met Google kwam ik wel bij Taleninstituut Laudius, wat er op zich oké uitziet.
Kent iemand dit instituut en zo ja, wat zijn je ervaringen?
Heeft iemand tips voor een andere aanbieder?
Dank alvast!
Mijn zoon van 16 heeft (sinds dit schooljaar) erg veel moeite met het vak Latijn.
Ik denk er nu aan om zelf een (spoed)cursus te gaan volgen, zodat ik hem hopelijk daardoor beter kan helpen. Hij krijgt overigens ook al bijles van een oud-docent van zijn school.
Het aanbod Latijn is redelijk mager. Met Google kwam ik wel bij Taleninstituut Laudius, wat er op zich oké uitziet.
Kent iemand dit instituut en zo ja, wat zijn je ervaringen?
Heeft iemand tips voor een andere aanbieder?
Dank alvast!
zaterdag 2 februari 2019 om 17:03
Volstrekt zinloos als je rechten of geneeskunde gaat studeren. Die vakken worden echt niet in het Latijn gegeven hoor. Ja, je hebt terminologie in die vakken, maar dat is net als in ieder ander vak een vorm van jargon. Dat leer je ook niet op de middelbare school.Paulapaula schreef: ↑02-02-2019 00:43Zinloos ? Niet als je rechten of geneeskunde gaat studeren . Of leraar Latijn wil worden .
Toegevoegde waarde zit hem in de historie, het laten zien dat je je kunt inzetten voor een hogere, complexe kunst die niet direct ergens toe leidt. Maar concrete extra's haal je er - op een vak als leraar Latijn na of de mogelijkheid om later je kinderen te helpen - niet uit.
zaterdag 2 februari 2019 om 17:05
Dan zou ik op school gewoon eens het leerboek uit jaar één vragen.Boxje schreef: ↑01-02-2019 23:28Zoals gezegd, bijles heeft hij al.
Een eventuele overstap naar atheneum gaan we met school bespreken.
Ik verwacht hem niet in te halen. Ik wil zelf een beter begrip van de taal krijgen, zodat ik hem misschien een zetje kan geven. Samen door de stof heen, hem beter kunnen overhoren, omdat ik het zelf ook begrijp, al is het maar een beetje.
zaterdag 2 februari 2019 om 17:06
Gewoon kan prima inhouden dat je dus in de vierde van school moet wisselen. Zit je ook niet op te wachten.
zaterdag 2 februari 2019 om 17:09
Je zoon heeft een probleem dat heel typisch is voor het vak Latijn: tussen de vierde en de vijfde klas gaat de moeilijkheidsgraad van de teksten enorm omhoog. Dit komt omdat ze ineens écht Latijn gaan lezen (klassieke teksten dus) en niet meer die "Marcus et Cornelia in horto ambulant" standaard lesboekteksten. Als hij er wél plezier in heeft, zal er niks anders op zitten dan doorbijten, schouders eronder, veel tijd investeren en zich met behulp van bijles door die teksten worstelen. Daar kun jij met of zonder cursus niet veel aan bijdragen (behalve financieel).
BROCCOLI IS OOK GEEN SPINAZIE AL IS HET WEL ALLEBEI GROENTE PEJEKA -- S-Meds
zaterdag 2 februari 2019 om 17:14
Ik heb op een categoraal gymnasium gezeten. Bij ons was de inhoud van álle lessen diepgravender. Het was bij ons op school zeker niet zo dat gymnasium een kwestie van Athenum + een dode taal was.
Een ander voordeel van Latijn of Grieks bestuderen is dat je doorkrijgt hoe het systeem achter een taal in elkaar zit. Je leert daardoor veel makkelijker andere talen. Ik zou nu geen teksten in het Latijn meer kunnen vertalen zonder dat ik weer echt even induik, maar ik spreek inmiddels wel 5 vreemde talen. Je leert structuur aanbrengen in je manier van denken. Dat helpt je later in je managementbaan ook als je een probleem moet oplossen.
Het is zulke flauwekul dat het allemaal niet nuttig en nodig is en dat je er maar zo min mogelijk energie in moet steken. Je mag best eens leren ergens een beetje je best voor te doen.
Een ander voordeel van Latijn of Grieks bestuderen is dat je doorkrijgt hoe het systeem achter een taal in elkaar zit. Je leert daardoor veel makkelijker andere talen. Ik zou nu geen teksten in het Latijn meer kunnen vertalen zonder dat ik weer echt even induik, maar ik spreek inmiddels wel 5 vreemde talen. Je leert structuur aanbrengen in je manier van denken. Dat helpt je later in je managementbaan ook als je een probleem moet oplossen.
Het is zulke flauwekul dat het allemaal niet nuttig en nodig is en dat je er maar zo min mogelijk energie in moet steken. Je mag best eens leren ergens een beetje je best voor te doen.
zaterdag 2 februari 2019 om 17:47
Zelf inhalen gaat je nooit lukken, maar dat wil niet zeggen dat je hem helemaal niet kunt helpen.
De eerste vraag is of hij de basis beheerst. Alle rijtjes met naamvallen/vervoegingen van zelfstandige naamwoorden, alle rijtjes met werkwoordsvervoegingen in verschillende tijden. Dit moet hij echt moeiteloos uit zijn hoofd op kunnen lepelen, dat is gewoon basiskennis, zonder dat, redt hij het niet. Tot nu toe is hij daar misschien mee weggekomen, maar de teksten worden nu complexer, dus dan loop je daar tegenaan.
Stampen, stampen, stampen dus, heel saai, maar wel noodzakelijk.
Dit kun je gewoon vanaf papier overhoren (of hem laten opschrijven en later samen nakijken), daar heb je geen specifieke kennis voor nodig.
Als de basis er goed inzit, dan kun je gaan kijken naar zijn manier van vertalen. Bij Latijn staan de woorden vaak niet op een logische volgorde en moet je de betekenis van een zin echt woord voor woord uit gaan puzzelen. Dit vereist een andere manier van denken dan de moderne talen. Het is niet gewoon van voor naar achter de zin lezen en ongeveer aanvoelen wat ze bedoelen.
Zonder zelf enige kennis te hebben, kun je hem wel vragen stellen die hem op weg helpen:
- welke woorden in de zin zijn werkwoorden? in welke vorm staan die / welke tijd / welke persoon?
- welke woorden in de zin zijn zelfstandige naamwoorden? welke naamval hebben die? enkelvoud of meervoud? (soms zijn er meerdere opties)
- staan er nog bijvoeglijke naamwoorden in de zin? welke naamval? enkelvoud of meervoud? bij welk zelfstandig naamwoord zouden ze kunnen horen?
- weet je nu wat het onderwerp van de zin is? en de persoonsvorm?
- staan er nog andere woorden in de zin? bijvoorbeeld voorzetsels die altijd gecombineerd worden met een zelfstandig naamwoord in een specifieke naamval? of bijwoorden?
Veel vragen dus en ja, het woord voor woord analyseren kost veel tijd, maar het is nu eenmaal niet een taal die je snel kunt doen. Probeer het meer te zien als een logische puzzel dan als een taal.
Eerst alle losse stukjes uitzoeken en dan pas een poging doen om de puzzel in elkaar te zetten (de zin vertalen).
Jij weet zelf natuurlijk het antwoord niet op al deze vragen, maar je kan wel hiermee je zoon op de goede manier aan het denken zetten, door de juiste vragen te stellen.
Weet hij iets niet? Prima, dan zoeken jullie het betreffende rijtje er even bij om te kijken wat het zou kunnen zijn. Niet weg laten komen met 'ik geloof dat het een nominativus is', nee, je moet het zeker weten, niet gokken.
Het is gewoon echt even anders naar zinnen kijken, als je je zoon door vragen stellen kan helpen om dat gestructureerd te doen, dan kun je een heel eind komen.
Of in elk geval kun je misschien beter boven water krijgen waar precies het probleem zit en daar dan gericht mee aan de slag (al dan niet met bijles).
De eerste vraag is of hij de basis beheerst. Alle rijtjes met naamvallen/vervoegingen van zelfstandige naamwoorden, alle rijtjes met werkwoordsvervoegingen in verschillende tijden. Dit moet hij echt moeiteloos uit zijn hoofd op kunnen lepelen, dat is gewoon basiskennis, zonder dat, redt hij het niet. Tot nu toe is hij daar misschien mee weggekomen, maar de teksten worden nu complexer, dus dan loop je daar tegenaan.
Stampen, stampen, stampen dus, heel saai, maar wel noodzakelijk.
Dit kun je gewoon vanaf papier overhoren (of hem laten opschrijven en later samen nakijken), daar heb je geen specifieke kennis voor nodig.
Als de basis er goed inzit, dan kun je gaan kijken naar zijn manier van vertalen. Bij Latijn staan de woorden vaak niet op een logische volgorde en moet je de betekenis van een zin echt woord voor woord uit gaan puzzelen. Dit vereist een andere manier van denken dan de moderne talen. Het is niet gewoon van voor naar achter de zin lezen en ongeveer aanvoelen wat ze bedoelen.
Zonder zelf enige kennis te hebben, kun je hem wel vragen stellen die hem op weg helpen:
- welke woorden in de zin zijn werkwoorden? in welke vorm staan die / welke tijd / welke persoon?
- welke woorden in de zin zijn zelfstandige naamwoorden? welke naamval hebben die? enkelvoud of meervoud? (soms zijn er meerdere opties)
- staan er nog bijvoeglijke naamwoorden in de zin? welke naamval? enkelvoud of meervoud? bij welk zelfstandig naamwoord zouden ze kunnen horen?
- weet je nu wat het onderwerp van de zin is? en de persoonsvorm?
- staan er nog andere woorden in de zin? bijvoorbeeld voorzetsels die altijd gecombineerd worden met een zelfstandig naamwoord in een specifieke naamval? of bijwoorden?
Veel vragen dus en ja, het woord voor woord analyseren kost veel tijd, maar het is nu eenmaal niet een taal die je snel kunt doen. Probeer het meer te zien als een logische puzzel dan als een taal.
Eerst alle losse stukjes uitzoeken en dan pas een poging doen om de puzzel in elkaar te zetten (de zin vertalen).
Jij weet zelf natuurlijk het antwoord niet op al deze vragen, maar je kan wel hiermee je zoon op de goede manier aan het denken zetten, door de juiste vragen te stellen.
Weet hij iets niet? Prima, dan zoeken jullie het betreffende rijtje er even bij om te kijken wat het zou kunnen zijn. Niet weg laten komen met 'ik geloof dat het een nominativus is', nee, je moet het zeker weten, niet gokken.
Het is gewoon echt even anders naar zinnen kijken, als je je zoon door vragen stellen kan helpen om dat gestructureerd te doen, dan kun je een heel eind komen.
Of in elk geval kun je misschien beter boven water krijgen waar precies het probleem zit en daar dan gericht mee aan de slag (al dan niet met bijles).
zaterdag 2 februari 2019 om 17:55
Wat het lekkere zeeuwse meisje zegt.zeeuwsmeisje1981 schreef: ↑02-02-2019 17:14Ik heb op een categoraal gymnasium gezeten. Bij ons was de inhoud van álle lessen diepgravender. Het was bij ons op school zeker niet zo dat gymnasium een kwestie van Athenum + een dode taal was.
Een ander voordeel van Latijn of Grieks bestuderen is dat je doorkrijgt hoe het systeem achter een taal in elkaar zit. Je leert daardoor veel makkelijker andere talen. Ik zou nu geen teksten in het Latijn meer kunnen vertalen zonder dat ik weer echt even induik, maar ik spreek inmiddels wel 5 vreemde talen. Je leert structuur aanbrengen in je manier van denken. Dat helpt je later in je managementbaan ook als je een probleem moet oplossen.
Het is zulke flauwekul dat het allemaal niet nuttig en nodig is en dat je er maar zo min mogelijk energie in moet steken. Je mag best eens leren ergens een beetje je best voor te doen.
zaterdag 2 februari 2019 om 18:13
He das tof.
De rest hou ik maar voor me.
zaterdag 2 februari 2019 om 18:25
Om te checken of hij de rijtjes echt goed beheerst zou ik hem regelmatig met andere woorden dan de standaardwoorden die rijtjes laten opdreunen.
En om je een idee te geven heb ik even mijn oude boek van stal gehaald en er doorheen gebladerd:
Zelfstandig naamwoorden
Voor de zelfstandig naamwoorden bestaan de rijtjes uit 6 naamvallen (nom gen dat acc voc abl). En dan een enkelvoud en meervoud: 12 uitgangen. Ieder woord valt in een van de 5 declinaties en per declinatie heb je verschillende stammen, in totaal 15 rijtjes. Voor alleen de zelfstandig naamwoorden moet je kind dus 15 rijtjes van 12 uitgangen kennen. En weten welk zelfstandig naamwoord waar onder valt.
Nu lijken er een hoop van die rijtjes best op elkaar, dus dat maakt het alleen maar ingewikkelder: Domus en Fructus (beiden 4e declinatie), hebben vrijwel hetzelfde rijtje, alleen de abl. enkelvoud is bij de een domo en bij de ander fructu.
Je moet dus ook nog eens onthouden volgens welke declinatie een woord gaat en of deze m/v/o is, of een uitzondering (zoals dies bij een specifieke dag vrouwelijk is en bij een onbekende dag mannelijk en dan dus een ander rij volgt).
Voornaamwoorden
Je hebt net als in het NL allerhande voornaamwoorden. Maar ook hier hebben ze allemaal verschillende rijtjes. Deze kennen dan weer geen vocatief, dus de rijtjes zijn hier 2x5 naamvallen lang. Je hebt zo'n 15 verschillende rijtjes aan voornaamwoorden.
Bijv. naamwoorden
Heb je dan weer 6 naamvallen, dus rijtjes van 12. Twee klassen bvnw's, waarvan de eerste klasse bestaat uit drie uitgangen (-us, -er en -er/-r) en ieder m/v/o een rijtje heeft. Dus 9 rijtjes a 12 naamvallen voor klasse 1. Klasse 2 heeft er op die manier ook weer 9.
Al die rijtjes zijn essentieel, want je ziet dus bijvoorbeeld vaak helemaal niet woorden als "hij", "van", "voor" etc. staan. De naamval geeft dat aan of het dus het cadeau voor jou is of het cadeau van jou.
Werkwoorden
Makkelijk, net als in het Nederlands 3 personen enkelvoud en 3 personen meervoud. En 3 genera, 8 modi en 6 tempora. En dan is het rijtje weer afhankelijk van het werkwoord, want er zijn vijf verschillende vervoegingen afhankelijk van de stam van het werkwoord. (De onregelmatige werkwoorden nog even uitgezonderd).
Bij elkaar zo'n 90 rijtjes, waarvan er overigens wel veel dezelfde verbuiging hebben, maar je moet ze dan weer wel kennen en weten dat bij die specifieke tijd er voor meerdere stammen dezelfde verbuiging is.
Je kunt dus niet los de woorden opzoeken en ze vertalen. Want dan weet je niet of er staat: "Jij bent gedood", "jij zal gedood worden" of "jij hebt gedood". Als je de woorden in hun vervoeging überhaupt al voldoende herkent om het volledige werkwoord te kunnen herleiden dat je moet weten wil je de vertaling van het werkwoord opzoeken.
Als er staat "audieris" betekent dit "jij zal gehoord moeten worden", staat er "audimini" betekent dit "Hoort!" en staat er "audiatis" betekent dit "moge jullie horen.
Verder
Alle telwoorden en vergrotende trappen hebben ook allemaal verbuigingen afhankelijk van de naamval waar ze in staan. Dus die rijtjes gaan nog wel even door. Gelukkig zit hier wel een systeem in omdat die vaak dezelfde naamval aannemen als het woord waar ze naar verwijzen. Maar het zorgt ervoor dat het vertalen van een stuk origineel proza erg lastig is omdat je dus vrijwel geen enkel woord ziet staan zoals het ook in je woordenlijst staat.
Succes met de cursus :p
En om je een idee te geven heb ik even mijn oude boek van stal gehaald en er doorheen gebladerd:
Zelfstandig naamwoorden
Voor de zelfstandig naamwoorden bestaan de rijtjes uit 6 naamvallen (nom gen dat acc voc abl). En dan een enkelvoud en meervoud: 12 uitgangen. Ieder woord valt in een van de 5 declinaties en per declinatie heb je verschillende stammen, in totaal 15 rijtjes. Voor alleen de zelfstandig naamwoorden moet je kind dus 15 rijtjes van 12 uitgangen kennen. En weten welk zelfstandig naamwoord waar onder valt.
Nu lijken er een hoop van die rijtjes best op elkaar, dus dat maakt het alleen maar ingewikkelder: Domus en Fructus (beiden 4e declinatie), hebben vrijwel hetzelfde rijtje, alleen de abl. enkelvoud is bij de een domo en bij de ander fructu.
Je moet dus ook nog eens onthouden volgens welke declinatie een woord gaat en of deze m/v/o is, of een uitzondering (zoals dies bij een specifieke dag vrouwelijk is en bij een onbekende dag mannelijk en dan dus een ander rij volgt).
Voornaamwoorden
Je hebt net als in het NL allerhande voornaamwoorden. Maar ook hier hebben ze allemaal verschillende rijtjes. Deze kennen dan weer geen vocatief, dus de rijtjes zijn hier 2x5 naamvallen lang. Je hebt zo'n 15 verschillende rijtjes aan voornaamwoorden.
Bijv. naamwoorden
Heb je dan weer 6 naamvallen, dus rijtjes van 12. Twee klassen bvnw's, waarvan de eerste klasse bestaat uit drie uitgangen (-us, -er en -er/-r) en ieder m/v/o een rijtje heeft. Dus 9 rijtjes a 12 naamvallen voor klasse 1. Klasse 2 heeft er op die manier ook weer 9.
Al die rijtjes zijn essentieel, want je ziet dus bijvoorbeeld vaak helemaal niet woorden als "hij", "van", "voor" etc. staan. De naamval geeft dat aan of het dus het cadeau voor jou is of het cadeau van jou.
Werkwoorden
Makkelijk, net als in het Nederlands 3 personen enkelvoud en 3 personen meervoud. En 3 genera, 8 modi en 6 tempora. En dan is het rijtje weer afhankelijk van het werkwoord, want er zijn vijf verschillende vervoegingen afhankelijk van de stam van het werkwoord. (De onregelmatige werkwoorden nog even uitgezonderd).
Bij elkaar zo'n 90 rijtjes, waarvan er overigens wel veel dezelfde verbuiging hebben, maar je moet ze dan weer wel kennen en weten dat bij die specifieke tijd er voor meerdere stammen dezelfde verbuiging is.
Je kunt dus niet los de woorden opzoeken en ze vertalen. Want dan weet je niet of er staat: "Jij bent gedood", "jij zal gedood worden" of "jij hebt gedood". Als je de woorden in hun vervoeging überhaupt al voldoende herkent om het volledige werkwoord te kunnen herleiden dat je moet weten wil je de vertaling van het werkwoord opzoeken.
Als er staat "audieris" betekent dit "jij zal gehoord moeten worden", staat er "audimini" betekent dit "Hoort!" en staat er "audiatis" betekent dit "moge jullie horen.
Verder
Alle telwoorden en vergrotende trappen hebben ook allemaal verbuigingen afhankelijk van de naamval waar ze in staan. Dus die rijtjes gaan nog wel even door. Gelukkig zit hier wel een systeem in omdat die vaak dezelfde naamval aannemen als het woord waar ze naar verwijzen. Maar het zorgt ervoor dat het vertalen van een stuk origineel proza erg lastig is omdat je dus vrijwel geen enkel woord ziet staan zoals het ook in je woordenlijst staat.
Succes met de cursus :p
stampertje12 wijzigde dit bericht op 02-02-2019 19:07
0.33% gewijzigd
zaterdag 2 februari 2019 om 18:46
zondag 3 februari 2019 om 11:29
Mooi overzichtje, Sampertje 
Die vervoegingen, rijtjes maar ook uitzonderingen in rijtjes moet je uit je hoofd kennen, voordat je een vertaling kunt maken. En aan de volgorde van woorden in een zin heb je ook niets, die staan allemaal door elkaar, bijv. om te benadrukken, om eerst de situatie te schetsen en niet in de laatste plaats vanwege het "ritme".
Stampen dus.
Die vervoegingen, rijtjes maar ook uitzonderingen in rijtjes moet je uit je hoofd kennen, voordat je een vertaling kunt maken. En aan de volgorde van woorden in een zin heb je ook niets, die staan allemaal door elkaar, bijv. om te benadrukken, om eerst de situatie te schetsen en niet in de laatste plaats vanwege het "ritme".
Stampen dus.
zondag 3 februari 2019 om 12:10
Exact. Daar zit dus ook precies mijn punt. Laten zien dat je je inzet voor een hogere complexe kunst die wel ergens toe leidt vind ik veel zinvoller.Stampertje12 schreef: ↑02-02-2019 17:03
Toegevoegde waarde zit hem in de historie, het laten zien dat je je kunt inzetten voor een hogere, complexe kunst die niet direct ergens toe leidt.
Als iemand naast zijn atheneum Russisch of Chinees of Hindi of Spaans gestudeerd heeft, vind ik dat veel meer waarde hebben. Iemand die tijdens de middelbare school deze keuzen maakt, toont niet alleen dat hij of zij een stap extra zet. Maar toont ook inzicht in de toekomst.
Bij Chinees mag je je dan ook best in de historie verdiepen. Confucius leefde en schreef 500 jaar eerder dan Plinius of Ovidius.
Dat er in een ver verleden gekozen is is voor 2 Europese klassieke talen wil niet zeggen dat dit heden ten dage nog steeds de meest passende keuze is.
Die tijd die je besteed aan Latijn kun je ook gebruiken voor Chinees.
Ik heb mijn schoolagenda er op nageslagen. In de 5e had ik 5 uur per week Latijn. In de 6e zelfs 6 uur per week. Ik ben opgevoed met de gedachte dat je niet opgeeft, dus afstromen naar het atheneum was geen optie.
Maar terugkijkend met alles wat ik nu weet, zie ik dat kiezen voor atheneum en in je vrije tijd andere talen leren, veel logischer is.
zondag 3 februari 2019 om 12:39
Dat kan wel zijn, maar uiteindelijk doe je voor alle vakken evengoed een standaard VWO examen.zeeuwsmeisje1981 schreef: ↑02-02-2019 17:14Ik heb op een categoraal gymnasium gezeten. Bij ons was de inhoud van álle lessen diepgravender. Het was bij ons op school zeker niet zo dat gymnasium een kwestie van Athenum + een dode taal was.
if we all light up, we can scare away the dark...
zondag 3 februari 2019 om 12:58
Er zit toch meer in je hoofd dan zaagsel de examenstof?tatlitatli schreef: ↑03-02-2019 12:39Dat kan wel zijn, maar uiteindelijk doe je voor alle vakken evengoed een standaard VWO examen.
zondag 3 februari 2019 om 14:53
Vanaf een bepaald moment is taalgevoel heel belangrijk voor Latijn, net als overigens grammaticale kennis. Met de grammaticaregels in de hand moet je dan het lef hebben om er een coherente zin van te maken die past in het geheel. Waar je mee zou kunnen helpen is eerst de woorden op een rijtje te zetten, dan samen te kijken naar de woorden die qua uitgang aangeven dat er iets grammaticaal relevants aan de hand is (naamval, werkwoordvervoeging), dat ook uitdrukken in de woordkeuzes en dan proberen om er een mooie zin van te maken, die in het Nederlands ook goed klinkt.