Mijn man heeft kanker (2)
donderdag 23 augustus 2007 om 19:29
donderdag 23 augustus 2007 om 19:50
Ik lees af en toe mee in dit topic, had nu al een paar dagen niet gekeken......... ben er helemaal stil van, wat een ontzettende oneerlijkheid!
Ik wil jou en de mensen die je dierbaar zijn alle sterkte wensen voor al wat komen gaat, zal aan je denken
Liefs
Ik wil jou en de mensen die je dierbaar zijn alle sterkte wensen voor al wat komen gaat, zal aan je denken
Liefs
anoniem_54414 wijzigde dit bericht op 23-08-2007 19:51
Reden: taalfout
Reden: taalfout
% gewijzigd
donderdag 23 augustus 2007 om 20:29
Mimsey gecondoleerd met het verlies van de liefde van je leven. Ik werd vannacht in bed een paar keer wakker en moest toen denken aan het laatste sms-je wat je van Hero hebt gehad. Wat ontzettend mooi dat je dat berichtje hebt ontvangen, ik kreeg er kippenvel van. Dat bewijst maar weer dat er meer is tussen hemel en aarde en dat hij vanaf een wolkje naar je kijkt en je lief heeft .
donderdag 23 augustus 2007 om 22:36
Er waren eens Twee mensen.
Wie was Zij? Dat wilde Hij weten.
Er was íets dan Hen bond, maar Jaloezie was ondervoed.
Jaloezie daalde af in haar sluimerende gedaante om die onbekende binding ongedaan te maken.
Jaloezie vocht, zij misleidde Hem en putte Haar uit, en zij gaf niet op. In al haar wrede en bedriegende gedaantes verscheen zij aan Hem, en overwon hem.
Bijna.
Want hun bond heelde Hem, heelde Zijn wonden en Jaloezie droop onbevredigd af.
Toen Hij wegliep van Haar, en Zij Hem liet gaan, zei Zij verstard en moegestreden: "Je neemt mijn hart met je mee!"
Waarop Hij glimlachend antwoordde: "Nee mijn Lief, ik gééf je mijn hart, opdat het in jouw lijf zal kloppen, wij immer samen zouden zijn en wij Éen zijn en sterker dan ooit.
Nu begreep zij eindelijk wat deze binding was. Het was Liefde, met een grote L.
Vandaag zijn er Twee mensen.
Wie was Zij? Dat wilde Hij weten.
Er was íets dan Hen bond, maar Jaloezie was ondervoed.
Jaloezie daalde af in haar sluimerende gedaante om die onbekende binding ongedaan te maken.
Jaloezie vocht, zij misleidde Hem en putte Haar uit, en zij gaf niet op. In al haar wrede en bedriegende gedaantes verscheen zij aan Hem, en overwon hem.
Bijna.
Want hun bond heelde Hem, heelde Zijn wonden en Jaloezie droop onbevredigd af.
Toen Hij wegliep van Haar, en Zij Hem liet gaan, zei Zij verstard en moegestreden: "Je neemt mijn hart met je mee!"
Waarop Hij glimlachend antwoordde: "Nee mijn Lief, ik gééf je mijn hart, opdat het in jouw lijf zal kloppen, wij immer samen zouden zijn en wij Éen zijn en sterker dan ooit.
Nu begreep zij eindelijk wat deze binding was. Het was Liefde, met een grote L.
Vandaag zijn er Twee mensen.
donderdag 23 augustus 2007 om 22:41
Mimsey, ik voel je pijn gewoon. Ik wilde vloekend beginnen, maar dat doe ik niet. Ik ga bidden voor jou en voor Hero. Ik steek op het moment kaarsen aan, wat ik nog nooit écht heb gedaan behalve virtueel.
Ik had je alles willen geven, al mijn geld en liefde, als dat had kunnen helpen. Ja, zelfs mijzélf had ik willen offeren in naam van jullie Liefde. Er branden vier kaarsen, voor vier mensen die aan die ziekte zijn overleden. Ik ben via jou van Hero gaan houden en ook van jou. Yas, inderdaad, het is niet 'het is maar internet'.
Nu doe ik het toch: Godverdomme, waarom, waarom? Als je iets nodig hebt, persephone83@hotmail.com. Geld, maandelijkse huur, kosten van wat dan ook, je roept en ik maak geld over. Niet denken dat zoiets raar is. Want ik had alles gedaan om dit te voorkomen.
God ik ben er kapot van.
Persephone
Ik had je alles willen geven, al mijn geld en liefde, als dat had kunnen helpen. Ja, zelfs mijzélf had ik willen offeren in naam van jullie Liefde. Er branden vier kaarsen, voor vier mensen die aan die ziekte zijn overleden. Ik ben via jou van Hero gaan houden en ook van jou. Yas, inderdaad, het is niet 'het is maar internet'.
Nu doe ik het toch: Godverdomme, waarom, waarom? Als je iets nodig hebt, persephone83@hotmail.com. Geld, maandelijkse huur, kosten van wat dan ook, je roept en ik maak geld over. Niet denken dat zoiets raar is. Want ik had alles gedaan om dit te voorkomen.
God ik ben er kapot van.
Persephone
vrijdag 24 augustus 2007 om 00:44
Jezus.
Ik lees net even bij in het Kasteel en zie ineens een posting van Tila over een meneer die dood is.
Jezus Christus.
Ach Mimsey toch, lieve, lieve, lieve Mimsey toch. Ik zit hier letterlijk met het kippenvel huizenhoog op mijn armen. Alsof je in een zeepbel zit, een zwarte zeepbel van verdriet dat uit al je porieën stroomt. Zo voelde ik me, toen, alsof de wereld wel doorgaat maar jijzelf stilstaat en alleen maar kunt denken "nee, niet wij, niet nu, niet wij".
Ach Mimsey toch, Ik wou dat ik een toverstafje had en jouw Hero wiens naam in al jouw kinderschriften staat ( dat is me zoooo ontzettend bijgebleven...) weer terug kon toveren. Bah.
Jezus, ik ben er helemaal confuus van. Dit had ik echt niet aan zien komen, je weet dat iemand ziek is maar je gaat ervan uit dat al die liefde die je uit al die postings ziet spatten het wel beter zal maken.
Ach meiske, ik wou dat ik het beter kon maken.
Ongelooflijk, ik ben gewoon echt zo van mijn apropos dat ik niet weet wat ik moet zeggen. Ik hoop dat je net zoveel kracht uit jouw Mopsey kan halen als dat ik uit mijn prinsje haalde. Blijf overeind. Blijf ademen. Blijf van hem houden. Want ik weet zeker dat dát jou zal helen en hem vredig zallaten gaan.
Ik leef vanuit het diepst van mijn hart met jou en Mopsey mee, jij en Hero waren mijn hoop in donkere dagen. Ach lieve, lieve Mimsey toch.
Rust zacht Hero, en weet dat er van je gehouden is zoals liefde hoort te zijn.
Kindness In your eyes
I guess You heard me cry
You smiled at me
Like Jesus to a child
I'm blessed I know
Heaven sent And Heaven stole
You smiled at me
Like Jesus to a child
And what have I learned
From all this pain
I thought I'd never feel the same
About anyone
Or anything again
But now I know
When you find love
When you know that it exists
Then the lover that you miss
Will come to you on those cold, cold nights
When you've been loved
When you know it holds such bliss
Then the lover that you kissed
Will comfort you when there's no hope in sight
Sadness In my eyes
No one guessed
Or no one tried
You smiled at me
Like Jesus to a child
Loveless and cold
With your last breath
You saved my soul
You smiled at me
Like Jesus to a child
And what have I learned
From all these tears
I've waited for you all those years
And just when it began
He took your love away
But I still say
When you find love
When you know that it exists
Then the lover that you miss
Will come to you on those cold, cold nights
When you've been loved
When you know it holds such bliss
Then the lover that you kissed
Will comfort you when there's no hope in sight
So the words you could not say
I'll sing them for you
And the love we would have made
I'll make it for two
For every single memory
Has become a part of me
You will always be My love
Well I've been loved
So I know just what love is
And the lover that I kissed
Is always by my side
Oh the lover I still miss
Was Jesus to a child
Ik lees net even bij in het Kasteel en zie ineens een posting van Tila over een meneer die dood is.
Jezus Christus.
Ach Mimsey toch, lieve, lieve, lieve Mimsey toch. Ik zit hier letterlijk met het kippenvel huizenhoog op mijn armen. Alsof je in een zeepbel zit, een zwarte zeepbel van verdriet dat uit al je porieën stroomt. Zo voelde ik me, toen, alsof de wereld wel doorgaat maar jijzelf stilstaat en alleen maar kunt denken "nee, niet wij, niet nu, niet wij".
Ach Mimsey toch, Ik wou dat ik een toverstafje had en jouw Hero wiens naam in al jouw kinderschriften staat ( dat is me zoooo ontzettend bijgebleven...) weer terug kon toveren. Bah.
Jezus, ik ben er helemaal confuus van. Dit had ik echt niet aan zien komen, je weet dat iemand ziek is maar je gaat ervan uit dat al die liefde die je uit al die postings ziet spatten het wel beter zal maken.
Ach meiske, ik wou dat ik het beter kon maken.
Ongelooflijk, ik ben gewoon echt zo van mijn apropos dat ik niet weet wat ik moet zeggen. Ik hoop dat je net zoveel kracht uit jouw Mopsey kan halen als dat ik uit mijn prinsje haalde. Blijf overeind. Blijf ademen. Blijf van hem houden. Want ik weet zeker dat dát jou zal helen en hem vredig zallaten gaan.
Ik leef vanuit het diepst van mijn hart met jou en Mopsey mee, jij en Hero waren mijn hoop in donkere dagen. Ach lieve, lieve Mimsey toch.
Rust zacht Hero, en weet dat er van je gehouden is zoals liefde hoort te zijn.
Kindness In your eyes
I guess You heard me cry
You smiled at me
Like Jesus to a child
I'm blessed I know
Heaven sent And Heaven stole
You smiled at me
Like Jesus to a child
And what have I learned
From all this pain
I thought I'd never feel the same
About anyone
Or anything again
But now I know
When you find love
When you know that it exists
Then the lover that you miss
Will come to you on those cold, cold nights
When you've been loved
When you know it holds such bliss
Then the lover that you kissed
Will comfort you when there's no hope in sight
Sadness In my eyes
No one guessed
Or no one tried
You smiled at me
Like Jesus to a child
Loveless and cold
With your last breath
You saved my soul
You smiled at me
Like Jesus to a child
And what have I learned
From all these tears
I've waited for you all those years
And just when it began
He took your love away
But I still say
When you find love
When you know that it exists
Then the lover that you miss
Will come to you on those cold, cold nights
When you've been loved
When you know it holds such bliss
Then the lover that you kissed
Will comfort you when there's no hope in sight
So the words you could not say
I'll sing them for you
And the love we would have made
I'll make it for two
For every single memory
Has become a part of me
You will always be My love
Well I've been loved
So I know just what love is
And the lover that I kissed
Is always by my side
Oh the lover I still miss
Was Jesus to a child
Am Yisrael Chai!
vrijdag 24 augustus 2007 om 07:28
Lievers,
Bij het lezen van al jullie berichtjes komen er tranen die maar zo zelden komen de laatste twee dagen. Ik ehb mijn tranen gedurende de laatste nacht van mijn mooie, o zo mooie Hero uitgehuild, denk ik....
Oh meiden, hij was zo dapper, zo sterk, zo moedig. Nog meer dan verdrietig ben ik trots op hem. Wat een man! Hoe kan je daar niet van houden. En wat hou ik van hem! Zo zeldzaam veel.
Dinsdagochtend kwam ik bij hem. Hij lag opgekruld van de pijn in zijn buik, maar was blij dat ik er was, eiste een kus, en was helder. Iets voor elven kwamen er 3 artsen de kamer in, met bleke, geschrokken gezichten. Dokter B knielde naast ons bed, op ooghoogte met Hero, en vertelde ons het afschuwelijkste bericht dat ik ooit horen zal. Het was Mis. Zo Mis dat de artsen verbijsterd waren. Verbijsterd over de snelheid, de agressie en macht van de tumor (een groei in twee weken die nog nooit eerder gezien was), maar ook verbijsterd over het feit dat Hero nog leefde. Op dat momet functioneerden zijn organen eigenlijk al niet meer. Zijn lijf kón dit niet lang volhouden.
Gedurende dit gesprek sluitte mijn machtige Hero af en toe van vermoeidheid en pijn zijn ogen. "Snap je wat hij zegt, schat, begrijp je wat dit betekend?", vroeg ik hem snikkend, terwijl ik me vastklampte aan zijn hand. Hero opende zijn ogen en keek de arts strak aan. "Ben ik terminaal?", vroeg hij rustig. Even was de arts stl van de direktheid van de vraag, maar bevestigde dit met een simpel "ja". Een glimlach brak door op het gezicht van mijn held, en hij ontspande. "Dan wil ik nu een kus, Mims", zei hij.
Nu mocht hij stoppen met knokken. Hij had nooit op willen geven, had door willen vechten tot het echt niet meer kon, niet voor zichzelf maar voor Mops en mij. En nu ko het niet meer, mocht hij stoppen. En dat was zichtbaar een opluchting voor hem.
Ondanks de pijn wilde hij geen pijnstilling, maar eerst zijn dierbaren spreken. Maar in de uren die volgden bleek zijn lichaam hem af en toe al in een roes te brengen, ondanks het feit dat hij geen medicatie kreeg raakte hij steeds meer in een roes.
Iedereen heeft hij geknuffeld, en gesproken. Samen met zijn ouders en zijn zus zat ik aan zijn bed, kuste hem, bewonderde hem, en liet hem los. Hij was op.
Tot vijf uur hield hij het vol, dronk wat, praatte wat, glimlachtte wat, en gaf iedere verpleegkundige die langskwam een hand. En bleef ogcontact zoeken met mij. Wilde me niet loslaten. Probeerde me te lezen met zijn ogen, zijn blik ging zo diep bij me naar binnen. En tegen de verwachtingen van alle artsen (en onszelf) in, bleef hij wakker.
Vijf uur ging hij rechtop zitten, greep de bel van de verpleeging en zei "en nu wil ik morfine", in de wetenschap dat hij daarvan in slaap zou raken en niet meer wakker zou worden.
~meer in volgende posting~
Bij het lezen van al jullie berichtjes komen er tranen die maar zo zelden komen de laatste twee dagen. Ik ehb mijn tranen gedurende de laatste nacht van mijn mooie, o zo mooie Hero uitgehuild, denk ik....
Oh meiden, hij was zo dapper, zo sterk, zo moedig. Nog meer dan verdrietig ben ik trots op hem. Wat een man! Hoe kan je daar niet van houden. En wat hou ik van hem! Zo zeldzaam veel.
Dinsdagochtend kwam ik bij hem. Hij lag opgekruld van de pijn in zijn buik, maar was blij dat ik er was, eiste een kus, en was helder. Iets voor elven kwamen er 3 artsen de kamer in, met bleke, geschrokken gezichten. Dokter B knielde naast ons bed, op ooghoogte met Hero, en vertelde ons het afschuwelijkste bericht dat ik ooit horen zal. Het was Mis. Zo Mis dat de artsen verbijsterd waren. Verbijsterd over de snelheid, de agressie en macht van de tumor (een groei in twee weken die nog nooit eerder gezien was), maar ook verbijsterd over het feit dat Hero nog leefde. Op dat momet functioneerden zijn organen eigenlijk al niet meer. Zijn lijf kón dit niet lang volhouden.
Gedurende dit gesprek sluitte mijn machtige Hero af en toe van vermoeidheid en pijn zijn ogen. "Snap je wat hij zegt, schat, begrijp je wat dit betekend?", vroeg ik hem snikkend, terwijl ik me vastklampte aan zijn hand. Hero opende zijn ogen en keek de arts strak aan. "Ben ik terminaal?", vroeg hij rustig. Even was de arts stl van de direktheid van de vraag, maar bevestigde dit met een simpel "ja". Een glimlach brak door op het gezicht van mijn held, en hij ontspande. "Dan wil ik nu een kus, Mims", zei hij.
Nu mocht hij stoppen met knokken. Hij had nooit op willen geven, had door willen vechten tot het echt niet meer kon, niet voor zichzelf maar voor Mops en mij. En nu ko het niet meer, mocht hij stoppen. En dat was zichtbaar een opluchting voor hem.
Ondanks de pijn wilde hij geen pijnstilling, maar eerst zijn dierbaren spreken. Maar in de uren die volgden bleek zijn lichaam hem af en toe al in een roes te brengen, ondanks het feit dat hij geen medicatie kreeg raakte hij steeds meer in een roes.
Iedereen heeft hij geknuffeld, en gesproken. Samen met zijn ouders en zijn zus zat ik aan zijn bed, kuste hem, bewonderde hem, en liet hem los. Hij was op.
Tot vijf uur hield hij het vol, dronk wat, praatte wat, glimlachtte wat, en gaf iedere verpleegkundige die langskwam een hand. En bleef ogcontact zoeken met mij. Wilde me niet loslaten. Probeerde me te lezen met zijn ogen, zijn blik ging zo diep bij me naar binnen. En tegen de verwachtingen van alle artsen (en onszelf) in, bleef hij wakker.
Vijf uur ging hij rechtop zitten, greep de bel van de verpleeging en zei "en nu wil ik morfine", in de wetenschap dat hij daarvan in slaap zou raken en niet meer wakker zou worden.
~meer in volgende posting~
Wat wilde ik nou toch typen?
vrijdag 24 augustus 2007 om 07:54
De morfinepomp werd aangebracht, en iedereen gaf hem een zoen. "Minms, kom je hier zitten?", vroeg hij zacht, en ik nam mijn plaats in dicht bij zijn gezicht. Neuzen tegen elkaar, handen verstrengeld, oog in oog. Mijn god, wat had die man prachtige ogen!
"Is het aftellen nu begonnen?", vroeg hij helder en sterk aan de evrpleegkundige toen die de kamer wilde verlaten.
"Dat weet ik niet", zei deze,"we moeten met een lage dosis beginnen"
"Waarom?", vroeg mijn held vertwijfeld.
"protocol", was het antwoord.
"Maar weet je, eigenlijk ben ik er nu gewoon wel klaar mee...", zei mijn liefde met zijn typische gevoel voor understatement.
"De verpleegkundige pakte zijn hand; "Ik weet het, knul", huilde ze, "maar het zal echt niet lang meer duren".
Maar dat zou het wel.
Toen de verpleegkundige de kamer had verlaten, draaide Hero zich meteen om. Hij had te lang in het ziekenhuis gelegen om niet te weten hoe een morfinepomp werkte. Hij zou zelf dat kreng wel even hoger zetten. Gelukkig viel hij met zijn hand richting de knoppen in slaap. Alle beweging kostte hem zoveel energie.
Gedurende de uren die volgden ging de morfine omhoog, maar Hero bleef omhoog klauteren uit zijn droomloze slaap. Was bij vlagen alert, assertief, bijdehand, en kwetsbaar. Pijn had hij niet meer, maar hij kon zijn dierbaren niet loslaten. Op een gegeven moment heb ik de kamer evrlaten, in de hoop dat dat hem iets meer rust zou geven, wnat hij wilde zo graag weg, en ik wilde hem niet dwingen te blijven. Het hielp niet, hij werd nog onrustiger, hees zichzelf steeds omhoog via zijn "papegaai", dus in no time zat ik weer naast hem.
"Waarom duurt het toch zo lang?", riep hij gefrustreerd.
"Omdat je zo sterk bent, schat", fluisterde ik met zijn lippen op zijn wang, "maar ga maar. Ik ben zo trots op je, je hebt me zoveel geleerd, zo goed voor me gezorgd, nu moet je voor jezelf zorgen. Je bent klaar, ga maar, je mag...".
Maar hij kón niet.
Met zijn zo zieke lijf verbijsterde hij de artsen nogmeer door de uren in de avond te laten verstrijken.
Om elf uur kreeg hij een slaapmiddel. Op dat moment kwam zijn beste vriendin binnenvallen, die had een vliegtuig vanuit Spanje gekaapt. Hij grijnste, omhelste haar, en viel in een onrustige slaap. Wakker zou hij niet meer worden, maar onrustig bleef hij. Als ik hem kuste, glimlachte hij, maar grotendeels van de tijd woelde en hoestte hij.
Pas tegen vieren werd hij rustig. En al die tijd zat ik met zijn ouders naast hem, moedigden hem aan, koesterden hem, en hadden hem zo immens lief.
Wat een kracht, wat was zijn hart sterk. Wat is zijn hart groot!
Tien voor acht, zoals zijn vader de dag ervoor al had voorspeld, al had hij daarbij 12 uur eerder in gedachten gehad, haalde mijn Grote Liefde drie keer diep adem en opende voor de laatste keer zijn ogen. Het werd koud in de kamer, zo koud, en mijn Lief was weg.
Wat voel ik me half, sinsdien. En wat een liefde barstte er los. Huilende artsen en verpleegkundigen aan zijn bed, jullie sms-jes, zoveel berichten, zoveel warmte. Maar diep van binnen blijft er een plekje koud.
Ik heb mijn kanjer lekker gewassen, geschoren en aangekleed. Gewoon zijn mooiste jeans, stoer shirt en een houthakkersoverhemd. Hij ziet er zó stoer uit. Zo krachtig. Zelfs het uitvaartpersoneel stond te huilen, om de uitstraling die mijn kanjer nogsteeds heeft. Iedereen ziet wat voor mooie man het is, van buiten maar vooral ook van binnen. Wat fijn.
Hero ligt nu in een waaksuite. Een woonkamer weg van huis, waar alleen de naasten de sleutel van hebben, en waar we 24/7 mogen en kunnen blijven. Een hele prettige, intieme plek. En ik blijf hem maar kussen en strelen. Hij is koud, maar zijn lippen voelen hetzelfde. Ik kijk naar hem, en bewonder hem. Oh wat ben ik trots op hem. Ik wil dat íedereen zijn verhaal weet, van hem leert, vandaar ook mijn verhaal hier.
Maandag om 14.15 wordt hij gecremeert. Dan zal mijn strijd beginnen. Verder zonder hem. Waar begin ik? In ons nieuwe huis, wat nu nog leegstaat en voor een deel leegblijft. Ik kan eigenlijk ergens helemaal nog niet zonder hem. Heb hem nog zo nodig. Zijn liefde voor mij was verslavend, zo groot. Onvoorwaardelijk. En ik wíl daar nog niet van afkicken.
Oh schat, ik mis je zo!
Gelukkig laat hij door allerlei geintjes (zoals dat sms-je, aar inmiddels zoveel meer) weten dat het goed is. Hij is de leukste, liefste en bijzonderste plaaggeest die ik ken.
Op zijn kaart staat onder andere "niemand weet waarom geluk soms wegwaait", maar ik ben tegelijkertijd zo blij dat het geluk ooit mijn kant op is gewaaid. Ik ben een gezegend mens. Ik heb Hero gekend!
"Is het aftellen nu begonnen?", vroeg hij helder en sterk aan de evrpleegkundige toen die de kamer wilde verlaten.
"Dat weet ik niet", zei deze,"we moeten met een lage dosis beginnen"
"Waarom?", vroeg mijn held vertwijfeld.
"protocol", was het antwoord.
"Maar weet je, eigenlijk ben ik er nu gewoon wel klaar mee...", zei mijn liefde met zijn typische gevoel voor understatement.
"De verpleegkundige pakte zijn hand; "Ik weet het, knul", huilde ze, "maar het zal echt niet lang meer duren".
Maar dat zou het wel.
Toen de verpleegkundige de kamer had verlaten, draaide Hero zich meteen om. Hij had te lang in het ziekenhuis gelegen om niet te weten hoe een morfinepomp werkte. Hij zou zelf dat kreng wel even hoger zetten. Gelukkig viel hij met zijn hand richting de knoppen in slaap. Alle beweging kostte hem zoveel energie.
Gedurende de uren die volgden ging de morfine omhoog, maar Hero bleef omhoog klauteren uit zijn droomloze slaap. Was bij vlagen alert, assertief, bijdehand, en kwetsbaar. Pijn had hij niet meer, maar hij kon zijn dierbaren niet loslaten. Op een gegeven moment heb ik de kamer evrlaten, in de hoop dat dat hem iets meer rust zou geven, wnat hij wilde zo graag weg, en ik wilde hem niet dwingen te blijven. Het hielp niet, hij werd nog onrustiger, hees zichzelf steeds omhoog via zijn "papegaai", dus in no time zat ik weer naast hem.
"Waarom duurt het toch zo lang?", riep hij gefrustreerd.
"Omdat je zo sterk bent, schat", fluisterde ik met zijn lippen op zijn wang, "maar ga maar. Ik ben zo trots op je, je hebt me zoveel geleerd, zo goed voor me gezorgd, nu moet je voor jezelf zorgen. Je bent klaar, ga maar, je mag...".
Maar hij kón niet.
Met zijn zo zieke lijf verbijsterde hij de artsen nogmeer door de uren in de avond te laten verstrijken.
Om elf uur kreeg hij een slaapmiddel. Op dat moment kwam zijn beste vriendin binnenvallen, die had een vliegtuig vanuit Spanje gekaapt. Hij grijnste, omhelste haar, en viel in een onrustige slaap. Wakker zou hij niet meer worden, maar onrustig bleef hij. Als ik hem kuste, glimlachte hij, maar grotendeels van de tijd woelde en hoestte hij.
Pas tegen vieren werd hij rustig. En al die tijd zat ik met zijn ouders naast hem, moedigden hem aan, koesterden hem, en hadden hem zo immens lief.
Wat een kracht, wat was zijn hart sterk. Wat is zijn hart groot!
Tien voor acht, zoals zijn vader de dag ervoor al had voorspeld, al had hij daarbij 12 uur eerder in gedachten gehad, haalde mijn Grote Liefde drie keer diep adem en opende voor de laatste keer zijn ogen. Het werd koud in de kamer, zo koud, en mijn Lief was weg.
Wat voel ik me half, sinsdien. En wat een liefde barstte er los. Huilende artsen en verpleegkundigen aan zijn bed, jullie sms-jes, zoveel berichten, zoveel warmte. Maar diep van binnen blijft er een plekje koud.
Ik heb mijn kanjer lekker gewassen, geschoren en aangekleed. Gewoon zijn mooiste jeans, stoer shirt en een houthakkersoverhemd. Hij ziet er zó stoer uit. Zo krachtig. Zelfs het uitvaartpersoneel stond te huilen, om de uitstraling die mijn kanjer nogsteeds heeft. Iedereen ziet wat voor mooie man het is, van buiten maar vooral ook van binnen. Wat fijn.
Hero ligt nu in een waaksuite. Een woonkamer weg van huis, waar alleen de naasten de sleutel van hebben, en waar we 24/7 mogen en kunnen blijven. Een hele prettige, intieme plek. En ik blijf hem maar kussen en strelen. Hij is koud, maar zijn lippen voelen hetzelfde. Ik kijk naar hem, en bewonder hem. Oh wat ben ik trots op hem. Ik wil dat íedereen zijn verhaal weet, van hem leert, vandaar ook mijn verhaal hier.
Maandag om 14.15 wordt hij gecremeert. Dan zal mijn strijd beginnen. Verder zonder hem. Waar begin ik? In ons nieuwe huis, wat nu nog leegstaat en voor een deel leegblijft. Ik kan eigenlijk ergens helemaal nog niet zonder hem. Heb hem nog zo nodig. Zijn liefde voor mij was verslavend, zo groot. Onvoorwaardelijk. En ik wíl daar nog niet van afkicken.
Oh schat, ik mis je zo!
Gelukkig laat hij door allerlei geintjes (zoals dat sms-je, aar inmiddels zoveel meer) weten dat het goed is. Hij is de leukste, liefste en bijzonderste plaaggeest die ik ken.
Op zijn kaart staat onder andere "niemand weet waarom geluk soms wegwaait", maar ik ben tegelijkertijd zo blij dat het geluk ooit mijn kant op is gewaaid. Ik ben een gezegend mens. Ik heb Hero gekend!
Wat wilde ik nou toch typen?
vrijdag 24 augustus 2007 om 08:13
Lieve dappere Mimsey,
Zoals zovelen ben ik ook een stille meelezer, meelever.
Maar nu.......met dikke tranen zit ik de laatste bladzijden te lezen, wat een verdriet. Maar vooral: wat een liefde! Ik kan niet anders dan enorm veel respect hebben voor jou Hero, en voor jou natuurlijk.
Ik wens je ontzettend veel sterkte toe, voor nu, en voor altijd!
Zoals zovelen ben ik ook een stille meelezer, meelever.
Maar nu.......met dikke tranen zit ik de laatste bladzijden te lezen, wat een verdriet. Maar vooral: wat een liefde! Ik kan niet anders dan enorm veel respect hebben voor jou Hero, en voor jou natuurlijk.
Ik wens je ontzettend veel sterkte toe, voor nu, en voor altijd!